nouveau RGIE

Vanaf 1 juni 2020 zullen elektrische installaties of belangrijke wijzigingen/uitbreidingen moeten worden uitgevoerd volgens de nieuwe AREI. Maar hoe zit het met installaties waarvan het ontwerp en de uitvoering vóór 1 juni 2020 zijn begonnen, maar die na die datum zullen worden voltooid en gekeurd?

Er is een overgangsperiode van 2 jaar waarin deze installaties bij een keuring, indien gevraagd, kunnen profiteren van de toepassing van deel 8 van het nieuwe AREI (Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties), dat de mogelijkheid biedt om in bepaalde gevallen af te wijken van het nieuwe AREI.

Na 1 juni 2022 zullen alle nieuwe elektrische installaties of belangrijke wijzigingen/uitbreidingen aan de nieuwe AREI moeten voldoen, zonder dat deel 8 betreffende bestaande installaties van toepassing is.

Het is de aanvrager van de controle die tijdens deze overgangsperiode zal opteren voor een controle met of zonder toepassing van deel 8. Als de werkzaamheden op of na 1 juni 2020 beginnen, zal de ingebruiknemingscontrole moeten worden uitgevoerd zonder toepassing van artikel 8 van de nieuwe AREI. En als de werkzaamheden vóór 1 juni 2020 beginnen, kan de ingebruiknemingscontrole al dan niet worden uitgevoerd met toepassing van deel 8 van het desbetreffende boek van de nieuwe AREI.

De aanvrager van de keuring dient in het dossier van de elektrische installatie een document op te nemen waarin de relevantie van de voor de aanvang van de werkzaamheden gekozen datum wordt bevestigd. Dit dossier zal ook het advies bevatten van het IDPBW (Interne dienst voor preventie en bescherming op het werk), het CPBW (Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk) en de veiligheidscoördinator voor het ontwerp van het gebouw, overeenkomstig de code inzake welzijn op het werk. De persoon die verantwoordelijk is voor de installatie en/of de klant moeten dit document ondertekenen.

Een erkende keuringsorganisme is een vennootschap in de vorm van een VZW die van het Ministerie van Economische Zaken de erkenning heeft gekregen om welbepaalde wettelijke controles (gas en elektriciteit) uit te voeren.

De technisch verantwoordelijke van de erkende controleorganismen is houder van  hetzij een diploma van burgerlijk of industrieel ingenieur en moet verbonden zijn door middel van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur.

Certinergie VZW staat op de lijst van erkende en geaccrediteerde keuringsorganismen (563-INSP) van de FOD Economie.

Voor elektrische installaties :

Voor elektrische installaties, zijn de activiteitsdomeinen van de erkende controleorganismen de volgende :

  • de controle van de huishoudelijke installaties op laagspanning en op zeer lage spanning;
  • de controle van de installaties in zones met explosiegevaar;
  • de controle van de installaties op laagspanning en op zeer lage spanning die buiten de vorige activiteitsdomeinen vallen;
  • de controle van installaties op hoogspanning (uitgezonderd hoogspanningsluchtlijnen);
  • de controle van de hoogspanningsluchtlijnen 
  • de controle door thermografie hoogspanningsluchtlijnen.

WAT ZEGT DE BELGISCHE WET OVER DE ELEKTRISCHE KEURING :

WAT IS HET DOEL VAN DE ELEKTRISCHE KEURING?

Met deze keuring wordt nagegaan of uw elektrische installatie voldoet aan de veiligheidsvoorschriften vastgelegd in het nieuwe Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (PDF, 3.89 Mo), goedgekeurd bij koninklijk besluit van 8 september 2019.

IK BEN EIGENAAR VAN EEN WOONEENHEID: IS EEN ELEKTRISCHE KEURING VERPLICHT?

De eigenaar, beheerder of uitbater van een huishoudelijke elektrische installatie is verplicht een elektrische keuring te laten uitvoeren. Dit is gegrond op het veiligheidsprincipe, aangezien defecten in een elektrische installatie die niet aan de voorschriften voldoet, vaak de oorzaak zijn van vele branden en/of elektrocuties.

HOE EN DOOR WIE MOET EEN ELEKTRISCHE KEURING GEBEUREN?

Zij moet worden uitgevoerd door een van de hierna vermelde erkende controleorganismen die als enigen gemachtigd zijn om deze keuringen uit te voeren. Pas op voor de verschillende aanbiedingen die op het internet circuleren en waarin dit soort aanbiedingen wordt voorgesteld zonder dat zij op de door het Ministerie van Economische Zaken erkende lijst staan. Deze aanbiedingen zijn misleidend en het is mogelijk dat u niet in het bezit zou zijn van een geldig verslag. Voorbeelden zijn: greenfish-energy.eu of contrôle-electrique.be.

WAT GEBEURT ER NA DE ELEKTRISCHE KEURING DOOR EEN ERKENDE CONTROLEORGANISME?

Na elke controle stelt het erkend controleorganisme controleorganisme een verslag op dat schriftelijk of elektronisch aan de eigenaar, beheerder of uitbater van de elektrische installatie wordt bezorgd. Het erkend controleorganisme houdt gedurende vijf jaar een kopie van dat verslag bij..

Als uw elektrische installatie niet in orde is op het moment van de controle, moet u de tekortkomingen verhelpen en uw elektrische installatie opnieuw laten controleren door de erkende controleorganisme.

WANNEER MOET MIJN ELEKTRISCHE INSTALLATIE GECONTROLEERD WORDEN ?

  • vóór u die in gebruik neemt;
  • voor elke belangrijke wijziging of uitbreiding aangebracht op een elektrische installatie;
  • bij de verkoop van een wooneenheid;
  • périodiek om de 25 jaar

WELKE DOCUMENTEN MOET U VOORLEGGEN BIJ EEN CONTROLE?

  • de eendraadschema’s van de elektrische installatie;
  • de situatieplannen van de installatie;
  • de EAN-code ter identificatie van de aansluiting van de elektrische installatie, weergegeven op de factuur, indien voorhanden. EAN staat voor “European Article Numbering”. Het betreft een code samengesteld uit 18 cijfers.

De eendraadschema’s en situatieplannen van de elektrische installatie worden mee opgenomen in het dossier van de elektrische installatie, dat in tweevoud wordt opgemaakt.

WAT MOET EEN EENDRAARDSSCHEMA VAN EEN ELEKTRISCHE INSTALLATIE AANDUIDEN?

  • de kenmerken van de elektrische leidingen: type, doorsnede, aantal geleiders ;
  • het type en de kenmerken van de differentieelstroominrichtingen;
  • de lichtpunten;
  • de aftakdozen;
  • de verbindingsdozen;
  • de plaatsingswijze en secties van de elektrische leidingen;
  • het type en de kenmerken van de beschermingsinrichtingen tegen overstroom;
  • de schakelaars;
  • de contactdozen;
  • de vaste machines en toestellen.

WAT MOET EEN SITUATIEPLAN VAN EEN ELEKTRISCHE INSTALLATIE AANDUIDEN ?

  • de vaste machines en toestellen,
  • de schakelaars;
  • de verbindingsdozen;
  • de aftakdozen;
  • de schakel- en verdeelborden;
  • de contactdozen;
  • de lichtpunten;
  • die op het eendraadschema voorkomen.

WAT MOET MIJN ELEKTRISCH DOSSIER TE ALLEN TIJDE BEVATTEN?

Iedere eigenaar van een wooneenheid moet te allen tijde een elektrisch dossier van zijn eigendom bijhouden.

Dit dossier bevat:

  • de controleverslagen opgesteld door een erkend controleorganisme,
  • een korte beschrijving van de niet-belangrijke wijzigingen of uitbreidingen van de elektrische installatie,
  • de technische documentatie van het elektrische materieel en de fotovoltaïsche installatie.

BIJ EEN NIET-BELANGERIJKE WIJZIGING VAN MIJN ELEKTRISCHE INSTALLATIE, MOET IK EEN ELEKTRISCHE KEURING LATEN UITVOEREN DOOR EEN ERKEND KEURINGS ORGANISME ?

Voorbeelden van niet-belangrijke wijzigingen of uitbreidingen zijn de toevoeging van een contactdoos op een bestaande stroombaan of de identieke vervanging van een elektrisch materieel (bord, kabel, …)

Voor dergelijke kleine wijzigingen vereist de wetgeving, geen gelijkvormigheidscontrole vóór de ingebruikname door een erkend controleorganisme te laten uitvoeren.

Een bondige beschrijving van de niet-belangrijke wijziging of uitbreiding van de elektrische installatie volstaat en u moet uw situatieplannen bijwerken. Die beschrijving wordt in het dossier van de elektrische installatie bewaard, waardoor het erkend controleorganisme in staat is de gelijkvormigheid ervan na te gaan bij het volgende controlebezoek